|
|||||||||||||||||||||||||||||||||
Op 8 mei 2012 werd binnen het Paritair Subcomité 327.01 een collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) afgesloten inzake tijdelijke werkloosheid. Die voorziet in een aanvullende vergoeding voor de werknemers die tijdelijk werkloos zijn. De werkgevers kunnen die vergoeding terugvorderen van het fonds voor bestaanszekerheid.
Op 22 januari 2019 is een nieuwe CAO afgesloten die de vorige CAO vervangt. Vanaf 1/1/2019 is de compensatie die de werkgever krijgt van het fonds als volgt:
De werkgevers bekomen bij het sectorale Fonds voor bestaanszekerheid de terugbetaling van de aanvullende vergoeding voor de eerste 114 uren per kalenderjaar van 4,448 euro per dag (7,6 uur) en vanaf het 115de uur tot het 152ste uur is deze vergoeding 1,112 euro per dag (7,6 uur)
Voor de jaren 2024 en 2025 is er een tijdelijke terugbetaling van de nieuwe wettelijk verplichte toeslag van 5€ en de bijkomende sectorale toeslag van 2€, gedurende de vijf eerste weken tijdelijke werkloosheid.
De werkgevers zullen deze terugbetaling krijgen op basis van een rapportering die het Fonds vanaf 2024 (TW in 2023) zelf maakt op basis van de DmfA gegevens.
De sectorale toeslagen (4, 5, 8, 10 € + tijdelijke bijkomende toeslag van 2 €) zijn verschuldigd voor elk type tijdelijke werkloosheid en dus worden alle codes die het Fonds uit de DmfA haalt, meegeteld in de berekeningsbasis van die toeslagen.
De wettelijke toeslag (5€) die sinds 1 januari geldt bovenop de sectorale toeslagen, is echter niet verschuldigd bij tijdelijke werkloosheid wegens overmacht. Dagen van dit type moet het fonds dus uit de berekeningsbasis voor de wettelijke toeslag verwijderen. Tijdelijke werkloosheid door overmacht komt in de authentieke gegevensbron van de RSZ (ASR – scenario 5) overeen met de codes 5.4 en 5.5. In die gevallen moet je de wettelijke toeslag van 5 € (+2€ opleg volgens de CAO) dus niet betalen aan de werknemers, en zal het Fonds die ook niet compenseren.
Voor een correcte administratieve verwerking hebben we een verklaring op eer gevraagd dat jouw bedrijf in 2025 géén tijdelijke werkloosheid wegens overmacht heeft toegepast. Daarvoor is een invulformulier ter beschikking gesteld. Als daaruit bleek dat je wél tijdelijke werkloosheid wegens overmacht had, hebben we een bijkomende rapportering gevraagd.
Je hebt op 7 mei 2026 een mail ontvangen met de afrekening TW voor 2025. Het bedrag is kort daarop gestort.
De vergoeding voor de tijdelijke werkloosheid 2024 werd uitbetaald op 4 juni 2025. De omschrijving bij de betaling was 'TW 2024'.
Die subsidies zijn definitief en verworven. Er is geen verdere verantwoording nodig, er komt ook geen verdere communicatie vanuit het Fonds.